Opmerking

Dit multimediaverhaal gebruikt video- en audioclips. Ga na of uw luidsprekers ingeschakeld zijn.

Gebruik het muiswiel of de pijltoetsen op uw toetsenbord om tussen pagina’s te navigeren.

Vegen om tussen pagina‘s te navigeren

Hier gaan we

Canvas Curiosa: Tour Belge

Logo https://canvastv.pageflow.io/canvas-curiosa-tour-belge


Sinds 1889 heeft Parijs zijn Eiffeltoren, een ijzeren gevaarte van 300 meter hoog. Maar wist je dat er ook een plan bestond om rond diezelfde tijd in Brussel een houten toren te bouwen, die de concurrent moest worden van de Eiffeltoren? De Tour Belge van architect François Hennebique.

Canvas Curiosa vertelt het verhaal van dit Brusselse megalomane project, dat - uiteraard - nooit is gerealiseerd. 

Met dank aan CIVA Brussel

  • Tekening van de Tour Belge, 1887 (CIVA Collections, Brussel)
Ga naar de eerste pagina

In 1889 vierden de Fransen de honderdste verjaardag van de Franse Revolutie. Om die herdenking luister bij te zetten besloot men een wereldtentoonstelling te organiseren in Parijs. En als belangrijkste gebouw werd toen de Eiffeltoren opgetrokken, een enorme constructie van smeedijzer met een duizelingwekkende hoogte van 300 meter (312 meter mét vlaggenmast, nu 330 mét antenne). Het was toen het allerhoogste gebouw ter wereld.

De toren draagt de naam van zijn ontwerper, Gustave Eiffel. Eigenlijk was Eiffel niet de échte ontwerper. Het eerste idee dateerde al van 1884 en kwam uit het brein van twee van zijn medewerkers, Emile Nouguier en Maurice Koechlin, allebei bouwkundige ingenieurs in dienst van Eiffel. Voor de artistieke uitwerking was Stephen Sauvestre, een architect, verantwoordelijk. Eiffel nam het ontwerp van zijn medewerkers over en diende het in bij de architectuurwedstrijd, die de bouw van de toren voorafging. Hij won en begon met zijn bedrijf in 1887 aan de bouw. De toren was voltooid in 1889, net voor de opening van de Wereldtentoonstelling.

Hoewel in den beginne fel gecontesteerd, werd de Eiffeltoren al gauw het meest opvallende icoon van Parijs. Vandaag kan niemand zich nog een beeld van Parijs voorstellen zonder het slanke profiel van de Eiffeltoren erbij. 

  • Affiche van Exposition Universelle de Paris, 1889 (Landesbibliothek, Darmstadt)

Ga naar de eerste pagina

Zodra het ontwerp van de Eiffeltoren bekend werd, groeide in andere steden in Europa de jaloezie omwille van die Franse 'grandeur'. Her en der smeedde men plannen om de Franse toren te overtreffen.

In Londen bijvoorbeeld lanceerde het Britse parlementslid Edward Watkin het idee om een hogere toren te bouwen, onder het motto: "Anything Paris can do, London can do bigger!"

In 1890 werd een wedstrijd uitgeschreven met als ultieme doel een toren te bouwen van 358 meter in Wembley Park. 68 ontwerpen werden ingediend. Het plan van het Londense architectenbureau Stewart, MacLaren and Dunn, een variant op het Franse voorbeeld van Eiffel, werd uitgekozen. De bouw, onder toezicht van architect Benjamin Baker, begon in 1891, maar werd drie jaar later stopgezet bij gebrek aan fondsen. De toren, die Watkin's Tower of Wembley Tower werd genoemd, had dan nog maar een hoogte bereikt van amper 47 meter. Tussen 1904 en 1907 werd de onvoltooide constructie afgebroken. Nu staat op die plek het befaamde Wembleystadion.
 

  • Watkin's Tower, deels gebouwd, ca. 1900 (Wembley Park, Londen)
Ga naar de eerste pagina

Brussel kon natuurlijk niet achterblijven. Ook in de Belgische hoofdstad, altijd al het kleine broertje van Parijs geweest, rijpte het plan om een grote toren op te trekken als antwoord op de Franse Eiffeltoren.

Een mooie gelegenheid was de Wereldtentoonstelling van 1888 in Brussel, een jaar voor die van Parijs, waar de Eiffeltoren zou pronken. Het ontwerp van Eiffel was intussen gekend en dus wou men in Brussel beter doen, met een jaar voorsprong bovendien. Die Brusselse wereldtentoonstelling van 1888 was géén wereldwijde universele expositie, zoals die van Parijs een jaar later. Er nam maar een twintigtal landen aan deel. In datzelfde jaar liepen er trouwens ook wereldtentoonstellingen in Glasgow, Barcelona en Melbourne. Vandaar wellicht de beperkte belangstelling voor de Brusselse expo.

Het Brusselse evenement, officieel Grand Concours International des Sciences et de l'Industrie, vond plaats in de grote machinehal van het Jubelpark, waar nu Autoworld en de vliegtuighal van het Legermuseum is gevestigd. Toen vormden die twee hallen nog één grote doorlopende machinegalerij.

  • Jubelpark, met achter de (voorlopige) triomfboog de grote machinehal, foto 1897 (CIVA Collections, Brussel)


Ga naar de eerste pagina

Volledig scherm
François Hennebique (1842-1921) was een Franse architect, die in het begin van zijn loopbaan vooral in België actief was. Samen met zijn medewerkers Léon Govaerts en Eugène Nève, ontwierp hij in 1887 een 300 meter hoge houten toren, La Tour Belge, een tijdelijke constructie die zou gebouwd worden aan de ingang van het Terkamerenbos in Brussel. Bedoeling was uiteraard om te concurreren met de Eiffeltoren die op dat ogenblik in aanbouw was in Parijs.

Hennebique was een pionier in het gebruik van gewapend beton. Zijn studiebureau, dat eerst in Brussel, daarna in Parijs was gevestigd, zou uitgroeien tot een wereldwijd betonbedrijf, waardoor het Hennebique-systeem een van de meest toegepaste vormen van gewapend beton werd. In architectuurtijdschriften van zijn tijd werd hij ‘le père du béton armé’ genoemd.

Op zeldzaam bewaarde tekeningen van de Tour Belge zien we een bizarre constructie, een soort kathedraalspits met op verschillende etages houten gevels in traditionele vakwerkbouw. Beneden waren tentoonstellingszalen. De tweede verdieping zou een hotel omvatten. Verder waren er een café-restaurant en een kursaal gepland. In de top zou een observatorium komen, bereikbaar met liften. Een deel van de structuur zou uit gewapend beton bestaan. 

  • Prent van de Tour Belge, 1887 (CIVA Collections, Brussel)
Sluiten
Ga naar de eerste pagina

François Hennebique toonde zich zelfverzekerd toen hij het ontwerp voorstelde in 1887. Hij stelde dat zijn toren in minder dan vijftien maanden kon gerealiseerd worden, waarmee hij 'de pion van Eiffel' zou verslaan.

"Wij zullen de voldoening hebben als eersten het constructieprobleem praktisch en economisch te hebben opgelost." 

Of deze toren ook in werkelijkheid kon gebouwd worden, is nog maar de vraag. Mogelijk wou Hennebique alleen maar in de aandacht komen van het publiek en was de realisatie van zijn ontwerp bijzaak. Wie zou het trouwens gefinancierd hebben?

Dat de toren van Hennebique er uiteindelijk nooit is gekomen heeft mogelijk ook te maken met de materiaalkeuze. Hout werd gebruikt in de traditionele bouwkunst en was niet bepaald een 'modern' materiaal, dit in tegenstelling tot ijzer, staal en beton. Wereldtentoonstellingen waren bij uitstek evenementen waar landen wilden uitpakken met innovatieve technologieën. Een houten toren, weliswaar met een betonnen structuur, was géén teken van vooruitgang, eerder een bevestiging van traditionele, zeg maar ouderwetse technieken.


  • Ontwerptekening van de Tour Belge, 1887 (CIVA Collections, Brussel).
Ga naar de eerste pagina
Ga naar de eerste pagina
Omlaag schuiven om verder te gaan Swipe to continue
Vegen om verder te gaan