Opmerking

Dit multimediaverhaal gebruikt video- en audioclips. Ga na of uw luidsprekers ingeschakeld zijn.

Gebruik het muiswiel of de pijltoetsen op uw toetsenbord om tussen pagina’s te navigeren.

Vegen om tussen pagina‘s te navigeren

Hier gaan we

Canvas Curiosa: De hittegolf van 1540

Logo https://canvastv.pageflow.io/canvas-curiosa-de-hittegolf-van-1540


Het is deze zomer al flink warm, zeg maar gerust heet, geweest. Maar de zomer van 1540, die was pas écht heet. Niet voor niets staat dat jaar bekend als het Grote Zonnejaar.

Kronieken vertellen dat heel Europa maandenlang zucht onder hitte en droogte. Oogsten mislukken, rivieren komen droog te liggen, drinkwater wordt schaars en ziektes tieren welig.

Hoe de situatie in Amsterdam is, weten we uit het verslag van het bezoek van Keizer Karel V aan die stad op 13 augustus van dat vervloekte jaar 1540. De keizer houdt het na één snikhete nacht voor gezien en zal nooit meer terugkeren naar Amsterdam.

Canvas Curiosa duikt in die zweterige zomer van 1540, met dank aan G/Geschiedenis en Jan Buisman, Duizend jaar weer, wind en water in de Lage Landen (1998, Franeker)

  • Pieter Bruegel, De korenoogst (Metropolitan Museum of Art, New York)
Ga naar de eerste pagina

Tijdens het jaar 1540 heerst in het midden en westen van Europa een klimaat dat normaal gezien voorkomt rond de Middellandse Zee. De zomer begint feitelijk al in februari. Het zonnige, warme weer houdt negen maanden aan. Het is uitzonderlijk droog en heet: tussen maart en augustus valt nauwelijks regen en vooral van april tot en met juli is het extreem warm. In juli valt op verschillende plaatsen geen druppel. In Bazel regent het in 10 maanden slechts 10 dagen.

De rivieren vallen nagenoeg droog. In Keulen staat de Rijn droog en bij wijze van ‘nieuwigheyt’ trekt een boer met zijn ploeg een voor van de ene oever naar de andere. In Parijs lopen mensen over de bedding van de Seine zonder natte voeten te krijgen. Gelijkaardige verhalen doen de ronde over de Maas en de Schelde, en ook verder weg over de Donau in Ulm. Omdat er niet voldoende debiet is in de rivieren, werken de watermolens niet meer, zodat graan niet gemalen en brood niet gebakken kan worden.

Gebrek aan drinkwater, vooral aan zuiver drinkwater, leidt tot ziektes, vooral dysenterie. Koeien sterven van dorst. Een kroniekschrijver zegt dat boeren doodvallen op het land, bevangen door de hitte.

De graanoogst is wel goed en bovendien vroeger dan anders. Maar vruchten en groenten verdorren. Appels en peren verdrogen aan de takken. Uien, rapen, rammenas, knoflook, alles is door de hitte bedorven.

  • Les Très Riches Heures du duc de Berry: Juin (Musée Condé, Chantilly)

Ga naar de eerste pagina

Af en toe brengt ‘quaat weder’ enige verfrissing, maar door blikseminslagen ontstaan ook fatale branden. Bos- en heidebranden zijn aan de orde van de dag, maar ook in dorpskernen en zelfs in enkele steden veroorzaken branden zware schade. Vuur is sowieso al gevaarlijk in steden, waar het merendeel van de huizen nog in hout en leem is optrokken. Bij deze extreme droogte is een genster voldoende om een hele stadswijk in lichterlaaie te zetten. Dat gebeurt o.m. in Maagdenburg en Vianen.

Ook na de zomer houdt het zonnige, warme en droge weer aan. Zelfs in oktober keren zon en warmte terug waarna het, afgezien van enkele korte regenbuien, tot de jaarwisseling droog en zonnig blijft.

Op veel plaatsen begint de bevolking wijnstokken aan te planten waarvoor heel wat akkers worden verwoest en omgezet in wijngaarden. Helaas haalt het allemaal niets uit: 1540 vormt de apotheose van een serie bijzonder warme zomers en daarna verslechteren de zomers.

Iedereen is het erover eens: tijdens dit Grote Zonnejaar beleven ze de wonderlijkste zomer sinds het jaar 1000!

Deze zomer was zeker uitzonderlijk, maar of het ook écht de heetste en droogste zomer was sinds eeuwen, is helemaal niet zeker. Er was in die tijd immers geen weerkundige dienst die de statistieken bijhield. We weten niet eens welke temperaturen er werden gehaald tijdens die hittegolf. En eerlijkheidshalve moeten we toegeven dat de laatmiddeleeuwse kroniekschrijvers soms wel eens durfden overdrijven. Het blijft dus – wetenschappelijk gezien - een beetje nattevingerwerk.

  • Les Très Riches Heures du duc de Berry: Septembre (Musée Condé, Chantilly)


Ga naar de eerste pagina

Tijdens die vermaledijde hete zomer heeft Keizer Karel V het plan opgevat om een rondreis te maken door zijn noordelijke Nederlandse gewesten. Hij had Den Haag, de Hollandse hofresidentie, al met een bezoek vereerd, was net in Haarlem geweest en wil op 13 augustus 1540 naar de havenstad Amsterdam afreizen.

De reis is tot dan toe niet bepaald voorspoedig verlopen. In Den Haag is de keizer ziek geworden en de hitte is niet bevorderlijk voor zijn herstel. Raadsleden van de Staten van Holland, die deel uitmaken van het keizerlijk gevolg, blijven liever in Haarlem en vergezellen de keizer niet naar Amsterdam. Zij kennen de slechte reputatie van het Amsterdamse drinkwater.

Karel is nog in de rouw. Zijn echtgenote Isabella van Portugal stierf in het kraambed van haar doodgeboren zesde kind. De keizer-weduwnaar draagt bijgevolg naar Spaanse mode zwarte rouwkledij. Bij de heersende temperaturen geen lachertje en Karel, die al niet bekend staat als een aimabel heerschap, zal hierdoor nog minder gunstig gezind zijn.

De keizer arriveert met zijn gevolg in Amsterdam op vrijdag 13 augustus, voor bijgelovige zielen een slechte datum! Hij wordt vergezeld door zijn zuster, landvoogdes Maria van Hongarije. Ze worden met veel égards ontvangen en onder het lossen van kanonschoten ingehaald. Karel logeert in een grote herberg ‘Het Wapen van Emden’ aan het Damrak.

  • Titiaan, Portret van Karel V (Alte Pinakothek, München)


Ga naar de eerste pagina

De Amsterdamse grachten mogen vandaag dan mooie toeristische plaatjes opleveren. In die zwoele zomer van 1540 zijn het open riolen, vol uitwerpselen en slachtafval. Zelfs tijdens een gewone zomer is het niet bepaald aangenaam vertoeven langs de onwelriekende grachten, maar nu maken de hitte, de stank en de muggen van Amsterdam een helse plek.

De oostenwind voert de ondraaglijke geur tot recht in de slaapvertrekken van de keizerlijke herberg. Karel ligt de hele snikhete nacht wakker en ’s ochtends blijkt dat er amper vers drinkbaar water te verkrijgen is. De Hollandse raadsleden die in Haarlem zijn achtergebleven, hebben gelijk.

De vermoeide keizer besluit de stad direct weer te verlaten om er nooit meer terug te keren. De landsadvocaat Aert Van der Goes, de hoogste Hollandse ambtenaar, beschrijft het als volgt: “Omdat ‘t Amsterdam de vier elementen (lucht, water, aarde en vuur) gecorrumpeert sijn, ende om te hehoeden die gesontheyt van Sijne Majesteit… ende water drincken willen, ’t welck ’t Amsterdam niet en deugt, ende veel sieck, ja de doodt drinken souden mogen…”

Na dit bliksembezoek verdwijnt Karel naar de zuidelijke Nederlanden. Hij zal Amsterdam nooit meer bezoeken. Eén souvenir blijft: de herberg, waar de keizer logeerde, wordt omgedoopt tot Keizershof.

  • C.J. Visscher, Zicht op Amsterdam, oude tekening 1570 (Stadsarchief Amsterdam)




Ga naar de eerste pagina
Ga naar de eerste pagina
Omlaag schuiven om verder te gaan Swipe to continue
Vegen om verder te gaan