Opmerking

Dit multimediaverhaal gebruikt video- en audioclips. Ga na of uw luidsprekers ingeschakeld zijn.

Gebruik het muiswiel of de pijltoetsen op uw toetsenbord om tussen pagina’s te navigeren.

Vegen om tussen pagina‘s te navigeren

Hier gaan we

Canvas Curiosa: De geheimzinnige groene steen van Koksijde

Logo https://canvastv.pageflow.io/canvas-curiosa-de-geheimzinnige-groene-steen-van-koksijde


In Koksijde stond vroeger een enorme cisterciënzersabdij Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen. De abdij telde ooit meer dan 350 monniken en broeders. De abten waren koninklijke adviseurs en hadden invloed in Frankrijk en Engeland. De abdijkerk was een van de grootste kerkgebouwen van de Lage Landen. Vandaag blijven enkel maar wat muurresten over.

Een archeoloog deed een opmerkelijke vondst, een eeuwenoude, geheimzinnige groene steen van vreemde origine.

Hoe zag die abdij eruit? Hoe komt het dat ze is verdwenen? En vanwaar komt die groene steen? Canvas Curiosa ontsluiert het raadsel, samen met de onderzoekers van het Abdijmuseum Ten Duinen.

  • Pieter Pourbus: Abdij Ten Duinen, 1580 (Musea Brugge)

Ga naar de eerste pagina

De abdij van Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen is in 1107 als kluis begonnen, een verblijfplaats van enkele vrome mannen. In 1127 gesticht als Cisterciënzersabdij - de Cisterciënzers waren een strenge afscheiding van de Benedictijnen - groeide ze snel uit tot een van de grootste kloostergemeenschappen van Vlaanderen. Een van de eerste abten was Sint-Idesbald, die later zalig werd verklaard. Hij werd de patroonheilige van het gelijknamige gehucht, vlakbij Koksijde.

De abdij zou haar grootste bloei kennen vanaf de 13e eeuw. In die tijd was de abt van Ten Duinen Elias van Koksijde, een ambitieuze kerkvorst met managerskwaliteiten en internationale diplomatieke relaties. Onder zijn bewind (1189-1203) kende de abdij haar hoogtepunt en telde Ten Duinen honderden monniken en lekenbroeders met talrijke dochterkloosters, refugies en abdijhoeven of uithoven. De abt had een bisschoppelijke rang en regeerde niet alleen over zijn abdij, maar beheerde ook de omliggende gebieden, meer dan 10.000 hectaren wat de abdij tot een van de voornaamste wolproducenten van Vlaanderen maakte. De abdij had ook aanzienlijk grondbezit in Engeland.

Elias was persoonlijke raadsman van de Engelse koning Richard Leeuwenhart, bekend van de legende van Robin Hood. Vermeldenswaard is de rol die de abt heeft gespeeld bij de vrijlating van koning Richard uit zijn gevangenschap in Duitsland in 1194. Ook latere abten zouden belangrijke politieke en diplomatieke functies vervullen. Zo waren ze adviseurs van de graven van Vlaanderen en van de Bourgondische hertogen.

  • Abt Elias, schildering uit Ten Duinen (Seminarie Brugge) 


Ga naar de eerste pagina
Sluiten
Voor / na weergave

Vergelijk de oude en de huidige toestand

De abdij van Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen moet een indrukwekkend complex zijn geweest. De bakstenen kerk, ruim 115 meter lang, was een van de meest imposante kerkgebouwen van haar tijd. Ter vergelijking: dat is maar enkele meters kleiner dan de Notre-Dame van Parijs. Het kloosterpand was een vierkant van 50 op 50 meter. De slaapzaal van de paters was 70 meter lang en 20 beter breed. De grote refter was 50 meter lang... 

Om maar te zeggen: de Duinenabdij was een machtige religieuze instelling die het lokale belang vér oversteeg. De invloed van Ten Duinen en haar bewoners, de Duinheren genaamd, spreidde zich uit over de hele Nederlanden, Frankrijk en Engeland.

Maar hoe groots de abdij ook was, na enkele eeuwen ging ze teloor. In de 16e eeuw werd ze het slachtoffer van plunderingen en vernielingen door calvinistische beeldenstormers. Het aantal bewoners was toen al sterk afgenomen tot enkele tientallen. Bovendien werden de abdijgebouwen constant bedreigd door het opstuivende zand van de duinen. 

Na enkele omzwervingen kon de kloostergemeenschap in 1596 terecht op het nabijgelegen Ten Bogaerde, een abdijhoeve met een enorme schuur en voldoende ruimte om er de nieuwe abdij onder te brengen. De oude abdijgebouwen werden intussen gretig gebruikt als steengroeve om bouwmaterialen te recupereren.

In de 17e eeuw verlieten de Duinheren Ten Bogaerde en verhuisden naar Brugge, waar ze een nieuw abdijcomplex optrokken, nu het Grootseminarie. Wat nog restte van de vroegere abdij in Koksijde verdween onder het zand. In de 20e eeuw legde archeologische opgravingen een stuk terug bloot, o.a. de kerk en het kloosterpand. Maar grote delen van het abdijdomein liggen nog altijd verborgen onder nieuwbouw en een weg, die dwars door de site loopt.

  • Klik op het pijltje, schuif de cursor en vergelijk de oude en de huidige toestand
Ga naar de eerste pagina
0:00
/
0:00
Start video now
We zeiden het al: de abdij van Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen was een enorm complex, de grootste cisterciënzersabdij van Vlaanderen. Hoe zag die abdij eruit? In de video zie je een virtuele reconstructie... 

  • VR-video (Alfavision / Abdijmuseum Ten Duinen)

Ga naar de eerste pagina

Een vreemde archeologische vondst

Volledig scherm

En hoe zit het nu met die groene steen? Wel, enkele jaren geleden werd bij opgravingen op Ten Bogaerde, de vroegere abdijhoeve tussen Koksijde en Veurne, een hoop steenafval gevonden. Daartussen lag een groenige blok steen. Archeoloog Alexander Lehouck - een steenkenner bij uitstek - had er meteen vragen bij. De vreemde steen met de groenachtige schijn leek niet op andere steensoorten uit de omgeving. Waar kwam deze steen vandaan? En wat was de functie ervan?

Na verder onderzoek bleek dat de steen uit Engeland afkomstig was, meer bepaald uit steengroeves in Sussex of Kent; een zeldzame kalksteensoort die het mineraal glauconiet bevat, vandaar de groenachtige kleur. Deze Zuid-Engelse steen is keihard en werd gebruikt om vijzels en mortieren van te maken, soms ook voor grafstenen. Het blok in Koksijde was duidelijk onderdeel van een groter geheel, was langs de bovenzijde gepolijst en had aan een zijkant mooie profiellijsten. De bewerking wees op een oorsprong rond de 12e eeuw.

En toen ging er een belletje rinkelen bij Jan Van Acker, historicus-mediëvist van het abdijmuseum: was dit misschien een stuk van het verdwenen 'groene' altaar van de abdijkerk, waarvan in oude geschriften gewag wordt gemaakt?

  • Boven: de oude abdijhoeve (Ten Bogaerde, Koksijde)
  • Links: de groene steen (Abdijmuseum Ten Duinen)
Sluiten
Ga naar de eerste pagina

In oude kronieken wordt verteld dat de Duinenabdij een opmerkelijk hoofdaltaar bezat, met een enorm groot tafelblad, ruim 4 meter lang, vervaardigd van groene steen. 

We citeren: "In het jaar 1200 ontving Elias, abt van de Duinen, een grote en fijn bewerkte steen uit Engeland ten geschenke. De abt bestemde deze steen, van vijftien voet lang en zes voet breed, voor het hoogaltaar dat hij te gelegener tijd in de nieuwe kerk zou oprichten. De steen was van een vaalgroene kleur, buitengewoon fraai afgewerkt en glanzend als een spiegel."

Wijst de vermelding dat abt Elias de steen vanuit Engeland zou hebben ontvangen, in de richting van de Engelse koning Richard Leeuwenhart? We weten alleszins dat abt Elias kort voordien bemiddeld had bij de vrijlating van de koning in Duitsland. Bijgevolg had hij een zeer goede band met Richard.

Verder wordt vermeld dat vorsten bij een bezoek aan de abdij hun naam in de zijkant van de altaarsteen lieten beitelen. Van de graven van Vlaanderen tot de laatste in de rij, niemand minder dan keizer Karel V. Waarom werd er zoveel belang gehecht aan deze steen? Blijkbaar had dit altaar een uitzonderlijke betekenis, zowel voor de abdij als voor de machthebbers. Voor de Duinheren was het een statussymbool dat bijdroeg tot het prestige van de abdij.  Hoe dat altaar er uitzag, weten we niet. Mogelijk leek het op het romaanse altaar uit de Sint-Servaasbasiliek van Maastricht, een tafelblad ondersteund door zuiltjes.

Zoals gezegd viel de Duinenabdij in de late 16e eeuw ten prooi aan de beeldenstorm. Daarom lieten de monniken het altaar overbrengen naar de abdijhoeve Ten Bogaerde, hun nieuwe vestiging. Maar toen ook die hoeve in 1592 door de Geuzen werd afgebrand, zou het verloren zijn gegaan. Het stuk dat bij de archeologische opgravingen op Ten Bogaerde werd ontdekt, zou dan het enige restant zijn van het eens zo fameuze altaar.

  • Altaar (Sint-Servaasbasiliek, Maastricht)
Ga naar de eerste pagina
Ga naar de eerste pagina
Omlaag schuiven om verder te gaan Swipe to continue
Vegen om verder te gaan