Opmerking

Dit multimediaverhaal gebruikt video- en audioclips. Ga na of uw luidsprekers ingeschakeld zijn.

Gebruik het muiswiel of de pijltoetsen op uw toetsenbord om tussen pagina’s te navigeren.

Vegen om tussen pagina‘s te navigeren

Hier gaan we

Canvas Curiosa: Romeinse keizer uit de lage landen

Logo https://canvastv.pageflow.io/canvas-curiosa-romeinse-keizer-uit-de-lage-landen

Een keizer uit West-Vlaanderen?

Volledig scherm
De nieuwe fictieserie Domina handelt over Livia Drusilla, de echtgenote van keizer Augustus, en vertelt de beginjaren van het Romeinse keizerrijk.

Wie spreekt over die keizers, denkt onwillekeurig aan de stad Rome als machtscentrum van het Romeinse imperium. Maar wist je dat heel wat keizers niet afkomstig waren van Rome, zelfs niet van Italië? Keizers kwamen uit alle hoeken van het rijk en niet allemaal groeiden ze op in de Romeinse elite.

Eén van hen, Marcus Aurelius Carausius, kwam uit onze streken, meer bepaald uit het land van de Menapiërs, met als kerngebied het huidige West-Vlaanderen.
Sluiten
Ga naar de eerste pagina
Het Romeinse keizerschap was een heel divers gegeven. In de Verenigde Staten hebben ze meer dan twee eeuwen moeten wachten vooraleer een niet-blanke Amerikaan president werd. Op het vlak van diversiteit ging het in het oude Rome wel wat sneller.

Allereerst moeten we definiëren wat een Romeinse burger was. In de eerste eeuwen van de Romeinse republiek was het burgerrecht voorbehouden aan aristocratische inwoners van de stad Rome. Later werd het uitgebreid naar alle inwoners, zowel edelen als plebejers (het gewone volk).

Toen het Romeinse rijk zich steeds verder ging uitstrekken, werd ook het burgerrecht uitgebreid, eerst over heel Italië, dan Gallië en nog later over de andere delen van het rijk, zoals Spanje. Keizer Caracalla zal uiteindelijk alle vrije burgers van het immense imperium het Romeinse burgerrecht verlenen. Tegenstanders zeiden dat hij dat alleen maar deed om meer belastingen te kunnen innen. Hijzelf was trouwens geboortig van Lugdunum in Gallië, de huidige Franse stad Lyon.

Als we het rijtje van Romeinse keizers bekijken, zien we tientallen keizers die niet van Rome afkomstig waren, zelfs niet van Italië. Keizer Trajanus was – volgens onze huidige terminologie - een Spanjaard, Septimus Severus kwam uit Libië, Macrinus uit Algerije (hij zette nooit een voet in Rome). Severus Alexander was afkomstig van Libanon, Diocletianus van Kroatië. Gordianus was een Phrygiër, dus uit Turkije, en Galerius kwam uit Albanië. Philippus was een Syriër, Aurelianus een Roemeen en Maximinus een Bulgaar. Aemilianus was een Moor uit Tunesië. Zelfs de grote Constantijn (afbeelding) was geen Romein, maar een Serviër. Om maar te zeggen: het begrip ‘Romein’ moet heel ruim gezien worden.









Ga naar de eerste pagina
Keizers behoorden zeker niet altijd tot de klasse der senatoren en equites (Romeinse edelen). Keizer Pertinax bijvoorbeeld was de zoon van een vrijgelaten slaaf. Afkomst was dus niet bepalend.

En zo kon ooit een Menapiër het brengen tot het keizerschap: Marcus Aurelianus Carausius.

Marcus Aurelius Mausaeus Valerius Carausius – kortweg Carausius – werd geboren in de derde eeuw, een woelige periode in het Romeinse rijk toen keizers, tegenkeizers en soldatenkeizers (generaals die door hun legioen tot caesar werden uitgeroepen) elkaar afwisselden en onderling bestreden.

Volgens de Romeinse geschiedschrijver Aurelius Victor was Carausius afkomstig uit de Civitas Menapiorum, het grondgebied der Menapiërs. Deze volksstam, behorend tot de Belgae, leefde in het westelijke deel der Lage Landen, het huidige Noord-Frankrijk en Oost- en West-Vlaanderen met de Schelde als grens. De Menapiërs waren ervaren zeevaarders, ze woonden immers in het kustgebied van de Noordzee en dreven handel met de volkeren op de Britse eilanden. In zijn De Bello Gallico vermeldt Julius Caesar de boten van de Menapii.



Ga naar de eerste pagina
In de derde eeuw waren de Menapiërs, zoals de meeste Gallische stammen, voor een groot deel geromaniseerd. Ze leverden zelfs manschappen voor de auxilia, hulptroepen voor de Romeinse legioenen. Er is sprake van de Cohors I Menapiorum, de eerste cohorte der Menapiërs.

Waarschijnlijk is het via deze weg dat Carausius zich als officier laat opmerken tijdens een militaire campagne in de jaren 284-286. Keizer Diocletianus had zijn generaal en caesar (mede-keizer) Maximianus de opdracht gegeven ten strijde te trekken tegen de Bagaudae, Gallische opstandelingen die het land onveilig maakten. Tijdens die veldtocht onderscheidde Carausius zich dusdanig dat hij door de keizer beloond werd met een aanstelling tot commandant van de Classis Britannica, de Romeinse vloot die aan het Kanaal was gestationeerd. Dat Carausius behoorde tot de zeevarende stam der Menapiërs zal zeker hebben bijgedragen tot deze benoeming.

Ga naar de eerste pagina
Carausius vestigde zich in Gesoriacum, het huidige Boulogne-sur-Mer (Noord-Frankrijk). Het was de vlootbasis van de Classis Britannica. Het was de bedoeling dat admiraal Carausius de zee tussen Gallia en de provincie Britannia zou vrijwaren van piraterij, maar er ontstonden geruchten dat hij het grootste deel van de buitgemaakte rijkdommen van de piraten voor zichzelf hield en niet doorstuurde naar de Romeinse schatkist. Misschien nog erger dan deze persoonlijke verrijking was de beschuldiging dat hij onder één hoedje speelde met de piraten en hen toestond Romeinse schepen te enteren. 

Rome kon deze vorm van muiterij niet laten gebeuren en Maximianus stuurde troepen naar het noorden om Carausius tot de orde te roepen en hem te arresteren. Maar de ambitieuze admiraal wilde zich niet overgeven en ging de confrontatie aan: hij verklaarde zich autonoom heerser van zijn gebied (Noord-Gallië en Britannia). Carausius genoot blijkbaar het vertrouwen van verschillende legioenen, want in 287 riepen zijn soldaten hem in Londinium (Londen) tot caesar uit.
Ga naar de eerste pagina
Carausius bestuurde zijn contrarijk als een Romeins imperium in het klein, met een eigen senaat en consuls. Hij liet munten slaan met zijn eigen beeltenis als keizer en mogelijk poogde hij een bondgenootschap aan te gaan met de heersende keizers, augustus Diocletianus en zijn mede-caesar Maximianus, die samen regeerden. Hij nam ook hun beide keizerlijke familienamen Aurelius Valerius aan en liet zelfs een medaillon slaan met de drie beeltenissen van hemzelf, Diocletianus en Maximianus, en als opschrift: ‘Carausius et fratres sui’ (Carausius en zijn broeders).

Het mocht niet baten. Carausius werd in Rome gezien als een opstandige usurpator die moest vernietigd worden. Hij was niet zomaar een lastige rebel in een verre uithoek van het rijk. Je mag niet vergeten dat Carausius over minstens drie legioenen kon beschikken én over de noordelijke vloot en dus een heus gevaar betekende voor de Romeinse staat.

Ga naar de eerste pagina
In 288-89 werd een Romeinse troepenmacht op de been gebracht om Britannia, waar Carausius zich had teruggetrokken, binnen te vallen. Deze invasie mislukte, volgens de ene bron door een zware storm, volgens een andere door het strategische inzicht van Carausius. In 293 kon generaal Constantius Chlorus, de latere caesar Constantius I, het deel van Carausius’ territorium in Noord-Gallië innemen, daarbij ook de vlootbasis van Gesoriacum (Boulogne). Carausius kon niet anders dan zich te verschansen op het eiland Brittania en zijn rijk af te scheiden van het Romeinse imperium. In Engeland beschouwt men dit nu als ‘the first brexit’. Op munten van Carausius lezen we opschriften als ‘Genius Britanniae’ en ‘Restitutor Britanniae’ (genie en hersteller van Britannia).

Maar aan het rijk van Carausius zou gauw een einde komen. In 293 werd hij vermoord door een van zijn naaste vertrouwelingen Allectus, mogelijk zijn schatbewaarder. Allectus nam de positie in van zijn voorganger en riep zich ook uit tot caesar. Zijn rijk duurde amper drie jaar: in 296 werd hij gedood in een gevecht met de Romeinse legioenen die Britannia heroverden en opnieuw aansloten bij het Romeinse rijk. De brexit van de Britten was voorbij en Carausius en Allectus verdwenen in de vergetelheid.

Ga naar de eerste pagina
Bij ons is Carausius niet zo bekend, maar in Engeland wel. Hij maakte een keizerrijk van Britannia, en alles wat refereert aan ‘the British Empire’ scoort aan de overzijde van het Kanaal.

Zo werd in een studie uit 1858 Carausius bestempeld als ‘the Augustus and Emperor of Britain, Zeeland, Dutch Flanders, Armorica and the Seas… the first Sailor king of England.’ En verder: ‘Carausius was the first to perceive the importance of the position of the British Islands.’

Misschien doet de naam Carausius bij sommige oudere lezers toch nog wel een belletje rinkelen, want ooit werd er een strip uitgegeven onder de titel ‘Carausius, de Vlaamse Cesar’ van Egdard Ley. De reeks verscheen in de Kleine Zondagsvriend in de jaren 1949-1950.
In ’69 publiceerde de Standaard Uitgeverij een jeugdroman van Johan Ballegeer: ‘Carausius, hij die de zee beheerst.’

Ga naar de eerste pagina
Ga naar de eerste pagina
Omlaag schuiven om verder te gaan Swipe to continue
Vegen om verder te gaan