Opmerking

Dit multimediaverhaal gebruikt video- en audioclips. Ga na of uw luidsprekers ingeschakeld zijn.

Gebruik het muiswiel of de pijltoetsen op uw toetsenbord om tussen pagina’s te navigeren.

Vegen om tussen pagina‘s te navigeren

Hier gaan we

Canvas Curiosa: Jacques Le Maire, ontdekker van Tonga

Logo https://canvastv.pageflow.io/canvas-curiosa-jacques-le-maire-ontdekker-van-tonga


De eilandenstaat Tonga kwam onlangs in de mediabelangstelling door de vulkaanuitbarsting die daar plaatsvond.

Wist je dat deze eilanden in 1616 'ontdekt' werden door een ontdekkingsreiziger, afkomstig uit onze streken?

Jacques Le Maire, wiens familie uit Doornik kwam, later verhuisd naar Antwerpen en dan naar Amsterdam, zette als eerste Europeaan voet op Tonga.

Of de Tonganen daar zo blij mee waren, is nog maar de vraag, want - eerlijk - Le Maire en zijn kameraden waren niet bepaald vriendelijk in hun eerste contacten.



Ga naar de eerste pagina
Jacques Le Maire was de oudste zoon van Isaac Le Maire, een koopman en bewindvoerder van de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC), de onderneming die een monopolie had op de overzeese handel vanuit de Nederlandse republiek.

Isaac was geboren in Doornik, later verhuisd naar Antwerpen, maar als protestant nam hij in het jaar 1585 de wijk naar Amsterdam. Daar zou hij zich ontpoppen tot een welstellend en invloedrijk ondernemer, die mee aan de basis lag van de VOC. In het jaar van de verhuizing naar Holland 1585 zag zijn oudste zoon Jacques het levenslicht. Het is niet duidelijk of Jacques nog in Antwerpen of reeds in Amsterdam werd geboren.

Isaac Le Maire, die als ondernemend koopman het beleid van de VOC té beperkend vond, kwam meermaals in conflict met de behoudsgezinde bestuursleden van de compagnie. Hij besloot dan maar eigen plannen te ontwikkelen.
 
Jacques Le Maire, die ook wel Jacob werd genoemd, zal in de voetsporen van zijn vader treden. In 1615 scheept hij in voor een reis rond de wereld in opdracht van vader Isaac. De missie was geen officiële VOC-reis, want doel van de tocht was een nieuwe doorgang te vinden langs de zuidkant van Amerika. Tot dan toe gebruikten VOC-schepen alleen de Straat van Magellaan. Deze missie had tot doel nieuwe handelsroutes te ontdekken en zo het monopolie van de VOC te doorbreken.






Ga naar de eerste pagina
De vloot van Le Maire bestond uit twee schepen. Het grootste schip Eendraght  was een driemaster van 30 meter lang. Het tweede schip Hoorn was een kleiner zeilschip. Jacques Le Maire was commandeur of opperkoopman van de missie, zeg maar de hoogste in gezag. Kapitein van de Eendraght was Willem Schouten. Zijn broer Jan voerde het bevel op de Hoorn.

Ze vertrokken apart uit de Noord-Hollandse havenstad Hoorn om geen argwaan te wekken bij de VOC; de Eendraght op 25 mei 1615, de Hoorn enkele dagen later op 3 juni.

De reis over de Atlantische Oceaan verliep voorspoedig en begin december naderden ze het Zuid-Amerikaanse continent. Tijdens een onderhoudsbeurt ontstond brand op de Hoorn en het schip werd grotendeels vernield. Alle bruikbare materialen en goederen werden overgeladen op de grotere Eendraght die de reis alleen verderzette.

Rond 25 januari 1616 ontdekten Le Maire en Schouten een doorgang die zuidelijk van de Straat van Magellaan lag. Deze zeestraat zou de naam Straat Le Maire krijgen. Nog verder rondden ze het meest zuidelijke punt van Amerika en doopten dit Kaap Hoorn. Daarmee was een nieuwe passage ontdekt en het monopolie van de VOC-route letterlijk en figuurlijk omzeild.

Ga naar de eerste pagina
De Eendraght zeilde de Stille Oceaan op en passeerde verschillende eilanden, die nu tot Frans-Polynesië behoren. Op 11 mei 1616 landden ze op een eiland dat ze Kokoseiland noemden, omdat er veel kokospalmen groeiden. Dit vulkanische eiland heet vandaag Tafahi en behoort tot de noordelijke eilanden van de staat Tonga. Iets zuidelijker lag een tweede, groter eiland: nu bekend als Niuatoputapu.

In die tijd was Tonga al een bloeiend koninkrijk dat vele eilanden in de Stille Oceaan verenigde. Le Maire en zijn kompanen waren de eerste Europeanen die hier voet aan wal zetten.

We weten hoe de eerste ontmoetingen met de eilandbewoners verliepen, want de reisverslagen werden later gepubliceerd onder de titel ‘Spieghel der Australische Navigatie door den Wijtvermaerden ende Cloeckmoedighen Zeeheldt Jacob Le Maire.’
Ga naar de eerste pagina
Bij het ankeren nabij het Kokoseiland kwamen inlanders – ‘gele indianen’ – nieuwsgierig naderbij in zeilbootjes en kano’s. Een visser in een kano kreeg een houten vaatje en gaf in ruil kokosnoten en vissen, die hij gevangen had. Al gauw kwamen anderen ook kokosnoten en bananen aanbieden om die te ruilen tegen spijkers en dergelijke.

De ‘wilden’ klommen aan boord. Een van de Hollandse zeelui, Dirck Boelisz, speelde op zijn viool en enkele matrozen begonnen te dansen. De eilandbewoners vonden dit blijkbaar heel vermakelijk, ‘seer om malcanderen lachende’ en dansten terstond mee.

Ze werden steeds vrijmoediger. Op den duur werd de Eendraght omstuwd door zo veel kano’s dat de Hollanders het benauwd kregen. De inboorlingen ‘waren seer diefachtich, stalen alles wat zy sagen’: inktpotten, kogels, kleren, messen…

Een sloep van de Eendraght die naar het eiland voer, werd belaagd door wel twaalf kano’s en de bemanning werd met speren bedreigd. Daarop schoten de Hollanders terug, eerst met losse flodders, wat geen effect had, daarna met scherp. Ze troffen een man in de borst, waarna iedereen wegvluchtte.

Ga naar de eerste pagina
De dag nadien kwamen wel 35 kano’s rond het Hollandse zeilschip. In één ervan zat een man, die duidelijk werd beschouwd als hun hoofdman en met veel egards werd bejegend. Ze maakten duidelijk dat ze van het tweede, grotere eiland afkomstig waren en nodigden de Hollanders uit om daar naartoe te komen. Jacques Le Maire trad de hoofdman tegemoet en bood hem en zijn gevolg wijn aan. Maar dat schenen ze niet te lusten.

Zoals afgesproken ontmoetten de Hollanders ’s anderendaags opnieuw de inwoners van het tweede eiland. Er werd druk geruild en de Eendraght kreeg ladingen kokosnoten, bananen en ook varkens en kippen. Maar de sfeer werd grimmiger toen de massa ‘wilden’ aangroeide tot een duizendtal. De Eendraght werd met stenen bekogeld en de Hollanders beantwoordden de aanval met geweerschoten.

De hoofdman van de inlanders kwam terug aan boord en bood een vrucht aan, blijkbaar ter verzoening. Om te bewijzen dat het eetbaar was, beten enkele inlanders er stukken uit, maar ze slikten die niet in. Le Maire vermoedde dat de vruchten giftig waren en noemde het grote eiland daarom Verraderseiland. 

Mogelijk presenteerde de Tongaanse hoofdman een wortel van de kavaplant, die gekauwd wordt, maar niet ingeslikt. De kava is van oudsher een bekend genotmiddel op Tonga.

Ga naar de eerste pagina
Op 14 mei 1616 voer de Eendraght weg van de twee Tonga-eilanden. Verderop zagen ze nog een derde eiland (nu Niuafoʻou) en ze hoopten hier vers water en voorraden in te slaan. Daarom noemden ze het eiland Goede Hope, maar het was moeilijk bereikbaar en de inlanders toonden zich niet gastvrij. Ook hier schoten de Hollanders enkele inlanders dood. Hierna zette de Eendraght zijn tocht voort en daarmee was het bezoek aan Tonga voorbij.

Jacques Le Maire mag dan niet bepaald vriendelijk opgetreden hebben tegen de Tonganen - zijn manschappen schoten er meerdere neer - hij toonde wel belangstelling voor de taal op de Tonga-eilanden, want hij noteerde heel wat woorden uit de lokale taal, het zogenaamde Niuatoputapu. Deze taal is in de eeuwen nadien verdrongen door een meer dominante Tonga-taal en uiteindelijk uitgestorven, waardoor Le Maires verslag de enige bron is om deze verdwenen taal te bestuderen.

Ga naar de eerste pagina

Volledig scherm
De Eendraght zette zijn reis verder en kwam in november 1616 aan op Java in Oost-Indië. Daar werd Jacques Le Maire door de lokale VOC-autoriteiten gesommeerd. Ze geloofden niet dat hij een nieuwe passage onder Zuid-Amerika had ontdekt (de Straat Le Maire en Kaap Hoorn) en legden beslag op zijn schip en de lading.

Le Maire werd bevolen terug te keren naar Holland, maar hij overleed kort voor de jaarwisseling op 31-jarige leeftijd.

“Den 31. December overleedt dese werelt de couragieuse en vrome Jongelinck, gheweest hebbende onse President, Jaques le Maire.”

Hij kreeg wellicht een zeemansgraf ergens onderweg in de oceaan. Vader Isaac Le Maire zou nog jaren procederen om eerherstel te krijgen voor zijn zoon.

De naam van Jacques Le Maire leeft verder in diverse plaats- en straatnamen, o.m. de Le Mairestraat in Antwerpen-Kiel, de Le Mairegracht in Amsterdam en uiteraard de Zeestraat Le Maire in Zuid-Amerika (foto).

En op Tonga prijkt hij op postzegels. Blijkbaar nemen de Tonganen geen aanstoot meer aan het gewelddadige optreden van de Hollandse ontdekkingsreizigers.

Sluiten
Ga naar de eerste pagina
Ga naar de eerste pagina
Omlaag schuiven om verder te gaan Swipe to continue
Vegen om verder te gaan